Voorstellen naar mijn webstek
Overloop de kleurbalken en klik om de volledige tekst te lezen.
Wil je het antwoord op een vraag of reageren: klik hier
terug naar werking |
Voorzitter, collega's,
Telkens bij het binnenkomen van het provinciehuis aan de F ingang erger ik me aan de beeltenis, schuin tegenover de balie. Namelijk het staatsieportret van ons ‘geliefd’ vorstenpaar.
Gezien noch in de archieven van het ministerie van Binnenlandse Zaken, noch in de archieven van het Staatsblad, noch in de archieven van het koninklijk Paleis enig spoor van deze rondzendbrief terug te vinden is, gaat men er op het ministerie van Binnenlandse Zaken vandaag de dag van uit dat er geen enkele bepaling ter zake bestaat, die het ophangen van deze portretten verplicht.
Ook van op het kabinet van de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden werd gemeld dat hieromtrent vanuit de Vlaamse overheid geen enkele wettelijke bepaling bestaat.
Bij deze vragen wij dan ook de verwijdering van de staatsieportretten. Het gaat ons om het principe. Aangezien de Vlaamse provincieraadsleden niet langer de eed van trouw dienen af te leggen aan de belgische koning, is het niet meer dan logisch dat ook de beeltenissen van het koningspaar uit heel het provinciehuis worden verwijderd.
Of men nu koningsgezind is of niet, doet in deze kwestie zelfs niets ter zake. Een koningshuis is tenslotte per definitie antidemocratisch. Het is door de geschiedenis achterhaald. Koningshuizen zijn archaïsche resten die slechts in leven blijven, door te parasiteren op het verleden.
Komt daar in België nog eens bij dat onze familie von Saksen-Coburg geen enkele, maar dan ook geen enkele band heeft met het land waarover zij de scepter zwaaien. De stamvader Leopold I kwam hier tegen zijn zin terecht, deels omdat hij weigerde om Koning van Griekenland of Roemenië te worden.
Ik wil je dan ook nog een citaat voorlezen uit het Journaal van Mark Grammens van 27 januari: “De koning gaat officieel door als symbool van nationale eenheid, maar staat in werkelijkheid aan de zijde van de verenigde Franstalige partijen en is daardoor een symbool van nationale verdeeldheid geworden.”
Dit is voor elk van ons, toch duidelijk merkbaar tijdens de nu, lang aanslepende regeringsonderhandelingen, waarvan morgen het wereldrecord ‘regeringsvorming’ wordt gebroken… ook daarom juist vandaag dit voorstel!
Ik heb er niets op tegen dat sommige mensen eigenaardig genoeg koningsgezind zijn, maar die mensen kunnen koekjesdozen kopen die gesierd worden door de charmante gezichtjes van de Saksen-Coburgs. In ruimtes zoals het provinciehuis horen ze echt niet thuis.
Mede ook om de bekommernis en de gezondheid van de lieftallige dames van de F-balie, die steeds moeten werken onder het alziend oog van koning en koningin, hangt deze beeltenis in het provinciehuis, zeker niet op zijn plaats.
Het gaat zoals ik al zei, alleen maar om het principe. Ik vraag aan jullie, mensen uit de 21ste eeuw, het voorstel tot verwijdering van de staatsieportretten goed te keuren.
Het voorstel luidt als volgt:
Overwegende, dat er geen enkele bepaling bestaat die het ophangen van de staatsieportretten verplicht,
Overwegende, dat de Vlaamse provincieraadsleden niet langer de eed van trouw dienen af te leggen aan de belgische koning en afhankelijk zijn van de Vlaamse Gemeenschap,
Overwegende, dat de al de provinciale gebouwen het toonbeeld moeten zijn van neutraliteit en dat er dus geen plaats meer kan zijn voor afbeeldingen van vertegenwoordigers van een feodale en zeer ondemocratische staatsvorm,
Overwegende, dat de leden van de familie Van Saksen Coburg-Gotha meermaals bewijs hebben geleverd, van onwil om Nederlands te leren spreken, op het niveau van verstandelijk, normaal begaafde volwassenen,
Stellen wij voor en vragen dan ook de stemming over volgend punt:
In het provinciehuis en alle andere provinciale lokalen en ruimtes, worden de koninklijke beeltenissen verwijderd.
De portretten van het koningspaar kunnen opgeborgen worden in het provinciaal archief of geschonken worden aan een lokale heemkundige kring.
Gisteren op de commissie was er de vraag naar een vervanging van deze foto. Zelf heb ik een persoonlijke suggestie, en het is iemand die het echt verdient, om in het Limburgs provinciehuis te pronken. Ik dacht, aan onze beroemde Limburgse componist, Armand Preud’homme. In het jaar 1976 heeft hij de driejaarlijkse prijs voor Muziek ontvangen van gouverneur Roppe. Zijn liedjes over de Kempen en Haspengouw en de Limburgse heide zijn cultureel erfgoed.
Let wel, dit laatste is een suggestie, en heeft niets met het voorstel op zich, te maken.
Koen Ooms
Voorzitter, collega's,
De voordelen hiervan zijn velerlei:
Graag hadden we een afdoend antwoord op dit voorstel?
Koen Ooms